Overslaan en naar de inhoud gaan

Nieuwe streefdoelen voor voetgangersvoorzieningen zetten voetganger centraal in het verkeer

Nieuwe streefdoelen voor voetgangersvoorzieningen zetten voetganger centraal in het verkeer

Vlaams Minister van Mobiliteit Annick De Ridder en het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) lanceren een nieuw Vademecum Toegankelijke Voetgangersvoorzieningen. Dat bundelt heldere, toepasbare streefdoelen voor het ontwerpen en inrichten van veilige, comfortabele en toegankelijke voetgangersinfrastructuur in Vlaanderen.

Vademecum Voetgangersvoorzieningen

De nieuwe publicatie geeft praktische, toepasbare adviezen voor de inrichting van de voetgangersruimte en zet daarbij de voetganger centraal. Ontwerpers en wegbeheerders kunnen er meteen mee aan de slag.

Veiligheid, toegankelijkheid en comfort als uitgangspunten

“Tot nu toe werd het voetpad gezien als een statisch onderdeel van de weg, met bijvoorbeeld overal dezelfde standaardbreedte. Het nieuwe vademecum laat die benadering los met veel meer aandacht voor de functie en context van een voetpad in een bepaald gebied. Veiligheid, toegankelijkheid en comfort krijgen daarbij een centrale rol. Ook de inbedding van het voetpad in het netwerk en de intensiteit van het voetgangersverkeer worden bepalend bij het ontwerpen van voetgangersinfrastructuur”, aldus Vlaams minister Annick De Ridder

Het vademecum is bedoeld voor lokale besturen, ontwerpers, studiebureaus en wegbeheerders. Het ondersteunt hen bij concrete keuzes in projecten, van straatinrichting en schoolomgevingen tot haltes, kruispunten en bruggen en geeft informatie over o.a.:

  • minimum- en richtafmetingen voor voetpaden, rekening houdend met de veiligheid, intensiteiten en het comfort van de gebruikers;
  • de indeling van het voetpad waarbij gekozen wordt om obstakels zoveel mogelijk te bundelen en buiten de loopruimte te plaatsen;
  • ontwerpelementen voor toegankelijke en veilige oversteken, kruispunten en schoolomgevingen;
  • concrete oplossingen voor niveauverschillen, trappen en hellingen, zodat iedereen zich vlot kan verplaatsen;
  • principes voor geleiding en contrast voor blinden en slechtziende personen;
  • handvaten om conflicten met fietsers en gemotoriseerd verkeer te vermijden en
  • verlichting, verharding, groen, straatmeubilair en haltes voor het openbare vervoer. 

Obstakelvrije loopzone in een vaak beperkte ruimte

Te veel voetgangers ervaren vandaag hindernissen in het openbaar domein: smalle voetpaden, obstakels of onduidelijke situaties met fietsers en auto’s. Voetgangers verdienen net als andere verkeersstromen een obstakelvrije loopzone met een voldoende brede veiligheidszone tussen voetgangers en andere wegdelen.

Het vademecum wil hieraan tegemoet komen en voorziet bijvoorbeeld in een nieuwe standaardmaatvoering voor voetpaden. De streefbreedte van 1m80 blijft, maar geldt nu enkel voor de loopzone. Het is ook ruimer dan het in veel gevallen voorgeschreven wettelijk minimum van 1m50.

Ook biedt het vademecum handvaten over hoe om te gaan met de vaak beperkte ruimte in het dichtbevolkte Vlaanderen, en geeft het aan waar welk type voetpad nodig is, en hoe op een veilige manier voetgangers- en fietsverkeer gemengd kan worden.

Inclusief en toekomstgericht

De streefdoelen houden ook expliciet rekening met de diversiteit aan voetgangers: kinderen, ouderen, mensen met een beperking, ouders met kinderwagens of reizigers met bagage.

Vanuit het universal design principe wil het vademecum aanzetten om te ontwerpen vanuit het perspectief van de meest kwetsbare groepen – ook kinderen – omdat daarmee de hele samenleving welvaart. Zich te voet verplaatsen is een basismobiliteit, die mensen op een heel laagdrempelige manier deel laat uitmaken van de samenleving.

“Als Voetgangersbeweging zijn we blij dat we konden meewerken aan dit vademecum,” zegt Naomé Carmeliet van de Voetgangersbeweging. “Het brengt op een heldere en toegankelijke manier samen wat belangrijk is voor voetgangers, en vormt een waardevolle leidraad voor de inrichting van de publieke ruimte. We zijn ervan overtuigd dat dit document een belangrijke stap is naar een meer consistente en kwaliteitsvolle toepassing van voetgangersvoorzieningen in de praktijk.”