Overslaan en naar de inhoud gaan

Achter de schermen: hoe werkt Minder Hinder op snelwegen in de praktijk?

Achter de schermen: hoe werkt Minder Hinder op snelwegen in de praktijk?

Begin maart kondigden we vanuit het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) aan dat er in 2026 op 45 locaties werken gepland zijn aan Vlaamse snelwegen. Enter Lise Beyens. Als Coördinator Minder Hinder van AWV heeft zij de belangrijke taak om al die werven op één lijn te krijgen en de verkeershinder onder controle te houden. 

Lise Beyens (midden) tijdens persmoment Grote Werven

Wat is precies jouw rol als Coördinator Minder Hinder? 

“Het in kaart brengen van alle werken op snelwegen. Over een heel jaar zijn er dat meestal een zestigtal met impact. Die proberen we zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen en slim in te plannen, zodat de verkeershinder beperkt blijft. Daarbij proberen we altijd één van de zogeheten corridors vrij te houden. Daarmee bedoelen we de noordelijke as (E17 en E313) en de zuidelijke as (E40 en E314) tussen Gent en Lummen, maar ook A12 en E19 tussen Antwerpen en Brussel.”

Hoe grijpen jullie in als er toch op meerdere plekken tegelijk werken zouden moeten doorgaan?

“Wij gaan op zoek naar die conflicten en proberen ze te ontwarren. In principe werken we vanuit een first come, first served principe. Al moeten we soms ook wat nadenken over wat de gevolgen van uitstel voor werken betekenen en op basis daarvan de prioriteit bepalen. Tegelijk speuren we ook naar synergiën. Werven die vlak bij elkaar liggen, zijn soms net goed te combineren. Dan maken we één lange werfzone. Zo bundelen we de hinder in één periode, in plaats van het verkeer twee keer te vertragen.  We vermijden zo ook filestaarten: voertuigen hoeven niet opnieuw te vertragen kort nadat ze weer op snelheid zijn gekomen.”

Staan de 45 aangekondigde werven voor 2026 al allemaal ingepland?

“Ja, die hebben we sinds begin maart allemaal op onze radar staan en in een spreadsheet gegoten. Binnen AWV gebruiken we hiervoor een tool waarin iedereen updates kan toevoegen. Omdat er elke week wel iets verandert, is dat een levend document. Ik bewaak het overzicht, volg op waar en wanneer werken plaatsvinden en wat verschuivingen betekenen voor andere werven.”

Maken jullie bij het inplannen ook gebruik van data?

“Het team dynamisch verkeersmanagement monitort onder andere de meetlussen in Vlaanderen. Zo hebben we een globaal beeld op de verkeersdrukte over alle dagen heen. Op basis van die data bepalen we de tijdstippen voor werken, bij voorkeur op de minst drukke momenten. Die gegevens helpen ons ook bepalen hoeveel rijstroken we best berijdbaar houden in een werfzone.”

Met hoeveel verschillende partijen sta je in contact om dit allemaal in goede banen te leiden?

“Best wel wat. Denk aan de collega’s van het Verkeerscentrum, werfleiders, projectleiders en directeurs investeringen, maar ook aannemers, nutsmaatschappijen en organisaties zoals VOKA, Touring en VAB. Ook over de grenzen heen. We zitten regelmatig samen met de collega’s van Rijkswaterstaat om aan Cross Boarder Management te doen. Daarbij vragen we geregeld om cruciale langeafstandsomleidingen vrij te houden op Nederlandse bodem. In ruil doen we dat ook geregeld voor hen.”