Een omleidingsweg voor Adinkerke

Fileleed op toeristische hoogdagen

Adinkerke is een deelgemeente van de kustgemeente De Panne. Samen tellen ze ongeveer 10.000 inwoners. Dit rustige polderdorp wordt op toeristische hoogdagen echter overspoeld met bezoekers op weg naar de kust of het recreatiedomein Plopsaland, dat zich in Adinkerke bevindt. Er ontstaan regelmatig zulke grote files dat het zelfs aanschuiven is tot op de E40, wat tot levensgevaarlijke situaties kan leiden. Maar ook het verkeer in het dorp zelf loopt volledig vast op zulke drukke dagen. Dit heeft een zeer negatieve invloed op de leefbaarheid van Adinkerke. Ook het tramverkeer ondervindt hinder van die files.

Er dringt zich met andere woorden een structurele oplossing op om die verkeersproblemen aan te pakken en de leefbaarheid en veiligheid in deze kustgemeente te verhogen. Een oplossing die tegelijk duurzaam, kosten-efficiënt en technisch én ruimtelijk haalbaar is.

Het Agentschap Wegen en Verkeer nam, in afwachting van een structurele oplossing, al enkele maatregelen om de situatie te verbeteren. Op de N34 tussen de E40 en de rotonde op de N39 werd een extra rijstrook aangelegd waardoor de filelengte op de afritten van de E40 deels verminderd werd. Op de E40 wordt het verkeer naar Plopsaland en De Panne er al in Veurne afgeleid via een alternatieve route langs het kanaal. Daarbovenop regelt de politie het verkeer op een aantal rotondes op de N34 op drukke momenten. Deze maatregelen hebben wel effect maar bieden geen structurele oplossing op lange termijn. Bovendien moeten we de volgende jaren rekening houden met een verwachte toename van het aantal Plopsalandbezoekers vanuit Frankrijk.

Een oostelijke omleidingsweg als structurele oplossing

In 2004 werd door De Lijn een studie uitgevoerd om maatregelen uit te werken om de doorstroming van de tram op grondgebied De Panne te verbeteren. In deze studie kwam een mogelijke oplossing in de vorm van een omleidingsweg voor het eerst ter sprake. In 2007 werd een doorstromingsstudie voor de N34 voor alle gemotoriseerd verkeer uitgevoerd waaruit eveneens bleek dat een omleidingstracé noodzakelijk is. Naar aanleiding van deze onderzoeksresultaten werd een globale studie opgestart voor de omleiding Adinkerke die alle mogelijke tracés voor deze omleiding zowel ruimtelijk als verkeerskundig moest bestuderen. Deze voorstudie werd afgerond in juli 2010. Deze studie schoof een oostelijke omleiding naar voren als beste tracé. Die oostelijke omleiding vertrekt vanaf de op- en afritten met de E40 en sluit aan op de De Pannelaan ongeveer ter hoogte van de ingang van Plopsaland. Maar waar moet die oostelijke omleiding dan precies liggen? Dicht bij de kern van Adinkerke of eerder weg van de dorpskern? Er zijn meerdere alternatieven voor een oostelijk tracé mogelijk die elk een andere impact zullen hebben op mens en milieu. Die alternatieven werden verder onderzocht en uitgewerkt in de plan-MER-procedure.

MER-procedure

MER staat voor Milieu Effect Rapportage. Een MER beschrijft de gevolgen van een plan of project voor mens en milieu. Het beschrijft ook mogelijke alternatieven en geeft aan hoe nadelige gevolgen voor mens en milieu kunnen vermeden, verminderd of gecompenseerd worden.

Er zijn twee soorten MER:

  • plan-MER onderzoekt de effecten van beleidsopties en weegt alternatieven af
  • project-MER zal het voorgestelde alternatief verder onderzoeken en optimaliseren.

Voor de omleiding van Adinkerke werd in 2011 een plan-MER opgestart. Het kennisgevingsdossier lag voor de bewoners van De Panne ter inzage  in de periode 31 januari 2011 tem 1 maart 2011. De plan-MER werd definitief goedgekeurd op 16 juni 2012.

De conclusies van de plan-MER vindt u hier.

Parking Plopsaland als cruciale factor

De Plan-MER was enkel toegespitst op de omleidingsweg zelf. Uit de Plan-MER kwam een voorkeursscenario naar boven maar daarenboven bleek ook dat er naast een omleidingsweg ook een herlocalisatie van de Plopsaland parking nodig is, wil je een echte duurzame en structurele oplossing bieden. Het is dus nodig om ook voor de parking verschillende locatie- en inrichtingsalternatieven te onderzoeken. Daarom werd een bijkomende studie opgestart. Het gaat terug om een plan-MER want ook voor de herlocalisatie van de parking moeten de gevolgen voor mens en milieu worden onderzocht. Het plan-MER beschrijft de mogelijke alternatieven, onderzoekt de positieve en negatieve milieueffecten en gaat na hoe eventuele negatieve effecten zoveel mogelijk kunnen worden vermeden of gemilderd door specifieke maatregelen. Het plan-MER voor de herlocalisatie van de parking bouwt verder op de resultaten uit het voorgaande onderzoek.

Nog te doorlopen procedures

Vóór de uitvoering van de werken kan starten, moeten nog een aantal procedures doorlopen worden:​

  • Op dit moment is het niet mogelijk om een omleidingsweg te realiseren op basis van de momenteel geldende planologische bestemmingen. Er dient eerst een Ruimtelijk Uitvoeringsplan (RUP) te worden opgemaakt. Pas wanneer de gekozen omleidingsweg is vastgelegd in een RUP kan er gestart worden met de onteigeningen die nodig zijn voor de realisatie van de omleidingsweg.
  • Wanneer de onteigeningen rond zijn, kan het Agentschap Wegen en Verkeer de werken aanbesteden en laten uitvoeren.