Luchtkwaliteit

Smog komt voor wanneer de lucht slecht verdund wordt en de luchtverontreiniging in de omgevingslucht wordt opgestapeld.

Dat komt door de relatief lage windsnelheden (0 tot 2 m/s) en het verschijnsel dat op ongeveer 300 meter hoogte er geen uitwisseling meer is tussen de koude luchtlaag aan de grond en de warmere luchtlaag erboven. Dat laatste heet subsidentie-inversie in vaktermen.

De hoogste concentraties fijn stof worden komen het vaakst voor in de grote agglomeraties en de industriezones.

De Intergewestelijke Cel voor het Leefmilieu neemt het initiatief om het smogalarm te activeren als door de weersomstandigheden de kans reëel is dat de gemiddelde fijnstofconcentraties twee opeenvolgende dagen hoger zullen zijn dan 70 µg/m³, de waarde die als kritieke grens wordt gehanteerd.

In het Vlaams gewest betekent dat op een aantal snel- en ringwegen een snelheidsbeperking tot 90 km/u wordt ingesteld.